Een aanvulling op de huidige methoden voor begrijpend lezen
Veel methoden voor begrijpend lezen introduceren een leesstrategie en oefenen deze in de begrijpend lezen les. Maar het leren toepassen van deze strategie bij andere teksten of in andere vakken. Daar is geen aandacht voor. Terwijl kinderen bij vakken als wereldoriëntatie wel veel teksten moeten lezen én begrijpen. Lezen = Weten leert kinderen zakelijke teksten te begrijpen. Een zevental effectieve leesstrategieën helpt ze hierbij. Deze zeven strategieën zijn ook uitstekend toe te passen op informatieve en andere teksten uit bijvoorbeeld de methode voor begrijpend lezen.
Leesstrategieën in de wereldoriëntatielessen Probleem met het onderwijzen van begrijpend lezen is dat er wellicht succes is in de begrijpend lezen lessen, maar dat de leerlingen andere situaties niet herkennen als ‘oh, dat zou ik hier ook moeten doen’. Ze leren leesstrategieën bij begrijpend lezen, maar gebruiken deze niet automatisch bij biologie of geschiedenis. De transfer ontbreekt. Actuele en boeiende teksten kunnen helpen bij het gemakkelijker doorgronden van teksten. Maar wat ook helpt, is kinderen leren om leesstrategieën ook in de wereldoriëntatievakken te gebruiken. Lezen = Weten oefent met de leesstrategieën in de wereldoriëntatielessen. Op deze manier leert u kinderen een leesstrategie en behandelt u tegelijkertijd de leerstofinhoud. Kinderen leren de leesstrategieën via activiteiten bij een tekst die u aanbiedt in uw wereldoriëntatieles. Een tekst uit uw methode bijvoorbeeld, die u toch al zou laten lezen.
Recent wetenschappelijk onderzoek Vanuit recent wetenschappelijk onderzoek is bekend welke aanpak het beste werkt voor het leren lezen en begrijpen van informatieve teksten. Lezen = Weten is gebaseerd is op deze research. Het is een doordachte samenstelling van de zeven meest relevante leesstrategieën en activiteiten voor het begrijpen van informatieve teksten.
Marzano en Wat werkt op school Een team onder leiding van de Amerikaanse wetenschapper Robert Marzano voerde eind jaren negentig een meta-analyse uit op de onderwijsresearch van de laatste 35 jaar. Uit de conclusies bleek dat een aantal didactische strategieën een opvallend positief effect heeft op de leerprestaties van leerlingen (Wat werkt in de klas, Bazalt 2007). Deze didactische strategieën zijn verwerkt in Lezen = Weten. Zo vindt u in de aanpak onder andere activiteiten gericht op Coöperatief Leren, samenvatten en notities maken, het gebruik van non-verbale representaties (zoals schema’s) en het identificeren van overeenkomsten en verschillen.
Actief bezig zijn met teksten Weet u nog hoe u studeerde? Onderstreepte of markeerde u belangrijke punten, of maakte u een breinkaart? Hoe doen de leerlingen in uw groep dat nu? Maken zij aantekeningen in de les? En doen ze dat ook bij de Cito begrijpend lezen toets? Actief bezig zijn met een informatieve tekst helpt om een beter inzicht te krijgen in waar de tekst over gaat.
De zeven strategieën uit Lezen = Weten Fase Strategie
|
Vooraf
|
1 Ik verken de tekst door te kijken naar de tekstkenmerken
|
|
2 Ik voorspel wat er in de tekst staat
|
|
3 Wat weet ik al?
|
|
Tijdens
|
4 Ik bedenk en beantwoord vragen over de tekst.
|
|
5 Ik visualiseer de tekst
|
|
6 Wat doe ik als ik het niet meer snap?
|
|
Na
|
7 Ik vat de gelezen tekst samen
|
Dubbele toepassing U kunt Lezen = Weten op twee manieren gebruiken:
- tijdens de zaakvakken introduceert u activiteiten om leesstrategieën te leren toepassen op teksten uit uw aardrijkskunde-, geschiedenis- of biologiemethode. De opdrachten van Lezen = Weten vervangen dan de analysevragen die u vaak bij de teksten in de methode vindt.
- in aparte lessen begrijpend lezen oefent u leesstrategieën bij verschillende informatieve teksten, bijvoorbeeld uit uw aardrijkskundemethode.
Aan de slag met Lezen = Weten Bij Lezen = Weten werkt u met groepsmappen. Er zijn mappen voor groep 5, 6, 7 en 8. De activiteiten van Lezen = Weten zijn beschreven op losse kaarten. Op een kaart vindt u uitleg over het aanbieden van de strategie, suggesties voor te gebruiken werkvormen en een werkblad voor leerlingen. Zo heeft u alles wat u nodig heeft bij de hand.
Inhoud kaart De kaarten van Lezen = Weten bevatten de volgende onderdelen:
- een beschrijving van de soort tekst waar de strategie bij hoort;
- uitleg over hoe u de activiteit hardop denkend voor kunt doen;
- een voorbeeld met instructie voor de leerlingen;
- informatie over Coöperatieve Leerstrategieën die erbij passen;
- extra suggesties, tips en variaties bij de activiteit;
- een ingevuld voorbeeld van hoe de activiteit eruit kan zien, voor de leraar;
- een werkblad waarmee u leerlingen aan het werk kunt zetten.
De gebruikte schema’s en andere voorbeelden uit Lezen = Weten kunt u kopiëren of printen van de bijgeleverde cd-rom. De digitale bestanden op de cd-rom kunt u ook gebruiken op een digitaal schoolbord.
Een voorbeeld U komt een tekst tegen in uw geschiedenis-, aardrijkskunde- of biologiemethode. U weet dat dit een moeilijke tekst is. Toch vindt u de inhoud van de tekst belangrijk en wilt u dat uw leerlingen deze informatieve tekst begrijpen. Op zo’n moment pakt u de map van Lezen = Weten. U bekijkt om wat voor soort tekst het gaat, bijvoorbeeld een tekst over het leven van Napoleon Bonaparte. Vervolgens zoekt u in de map een activiteitenkaart waarbij kinderen aan de slag gaan met ‘chronologische volgorde’.
De referentieniveaus 1F: zakelijke teksten Met Lezen = Weten sluit u naadloos aan bij de Referentieniveaus 1F: zakelijke teksten.
- U zorgt voor variatie in de teksten die u aanbiedt (zoals beschrijvende zaakvakteksten, schema’s, internetteksten, instructieteksten, advertenties en artikelen).
- U houdt overzicht door in een speciaal schema in de handleiding van Lezen=Weten te noteren welke soorten teksten u behandeld heeft.
- U bespreekt vooraf moeilijke woorden met de leerlingen of u laat leerlingen de woorden zelf opzoeken.
- Via de activiteiten op de kaarten werken kinderen onder andere aan: het zoeken van de belangrijkste informatie, het interpreteren van meningen in een tekst, het zelf formuleren van een mening en het lezen van informatie in een schema.
|