Trajecten


Een WinWin-invoeringstraject omvat twee tot drie jaar. We adviseren met dit traject van start te gaan wanneer er binnen de school voldoende draagvlak is voor het verbeteren van de pedagogische kwaliteit. Dit vraagt om een zorgvuldig opgebouwd leer- en invoeringsproces waarin aandacht is voor kennis, inzicht en het opbouwen van competenties en vaardigheden.

Informatie

en training

↓

Toepassen en borgen

binnen de

schoolpraktijk

Basismodule
In de Basismodule krijgt u informatie over en inzicht in het concept van WinWin zodat u binnen de school een gezamenlijke taal kunt gaan spreken; de basis voor samen denken en doen. Centraal staat dat u de kans krijgt om in de training vaardigheden te oefenen die u later in de praktijk gaat toepassen. Het vervolgtraject na de Basismodule wordt op maat met u ingevuld.

Interne aansturing
Het toepassen van vaardigheden binnen de eigen praktijk vraagt om een goede aansturing binnen de school. WinWin is een gedifferentieerde aanpak en wordt gericht ingezet. Elke leraar wordt daarom persoonlijk begeleid bij de invoering van WinWin in de klas. Als schoolleiding zet u een proces uit waarbij leraren van elkaar kunnen leren, bijvoorbeeld:

  • individueel: welke acties passen bij u en uw groep?
  • onderlinge steun: hoe kunt u elkaar onderling steunen en wat spreken we erover af?
  • externe steun: welke vormen van externe ondersteuning spreken we af (klassenconsultaties, reflectie, enz.);
  • monitoring: hoe verzamelen we gedurende het proces gegevens? Wanneer trekken we conclusies die leiden tot een volgende stap in het invoeringstraject?